zenden

Vertalingen

zenden

einsenden, schicken, sendensend, transmitadresser, envoyerenviarenviar发送發送sende보내기skickaส่ง (ˈzɛndə(n))
werkwoord
enkelvoud onvoltooid verleden tijd zond , voltooid deelwoord heeft gezonden
1. (een brief of bericht) sturen Aan de ouders van alle leerlingen is een brief gezonden.
2. (iemand) ergens heen laten gaan Er is een verslaggever naar het rampgebied gezonden.
Kernerman English Multilingual Dictionary © 2006-2013 K Dictionaries Ltd.