uitwijzen

(doorverwezen van wees uit)
Vertalingen

uitwijzen

angeben, anweisen, ausstoßen, bannen, begründen, beweisen, erhärten, hinweisen, weisen, zeigenprove, driveout, indicate, pointout, showdémontrer, désigner, indiquer, montrer, prouver, rejeter par intolérancedesignar顯示显示แสดง (ˈœytwɛizə(n))
werkwoord
enkelvoud onvoltooid verleden tijd wees uit , voltooid deelwoord heeft uitgewezen
door middel van een vonnis van de rechtbank het land uit sturen De illegale vluchtelingen werden na jaren alsnog uitgewezen.