watje

Vertalingen

watje

('wɑcə)
zelfstandig naamwoord onzijdig meervoud -s
1. propje watten Hij had een watje in zijn neusgat gedaan om het bloeden te stoppen.
2. ongunstig man die niet sterk is of niet veel kan verdragen Wat een watje!
Kernerman English Multilingual Dictionary © 2006-2013 K Dictionaries Ltd.