schik

Vertalingen

schik

amusement, fundétente, récréation, amusement, distraction (sxɪk)
zelfstandig naamwoord meervoud
plezier
plezier beleven aan veel schik hebben in je kleinkinderen
tevreden of blij zijn met (iets)
Kernerman English Multilingual Dictionary © 2006-2013 K Dictionaries Ltd.