kwijt

Thesaurus

kwijt:

vergeten
Vertalingen

kwijt

abhandenlostperduperdutokwijtkwijt (kwɛit)
bijvoeglijk naamwoord
1. (iets of iemand) niet kunnen vinden Ik ben mijn hond kwijt. Mijn bril is kwijt.
2. (iets) willen zeggen Ik wil wel aan je kwijt dat ik dit niet prettig vind.
3. wil je iets eten of drinken?