ieder

Vertalingen

ieder

aller, einjeder, jeder, jedermann, jeglicherevery, each, everyonechaque, chacun/chacune, tout, chacun, tout/toute/tous/toutes, à, parκάθεognuno, qualunquecadaкаждыйcadaكلkażdyвсеки每个每個Každýhverכלvarjeแต่ละ (ˈidər)
voornaamwoord
<je zegt dit woord als je alles en iedereen bedoelt> iedere zomer op vakantie gaan Ieder van ons gaat naar dat feest.
beslist Het wordt misschien wat later, maar we komen in ieder geval.
steeds weer iedere keer naar dezelfde slager gaan
Kernerman English Multilingual Dictionary © 2006-2013 K Dictionaries Ltd.