voelen

(doorverwezen van heeft zich gevoeld)
Vertalingen

voelen

('vulə(n))
werkwoord
enkelvoud onvoltooid verleden tijd voelde , voltooid deelwoord heeft gevoeld
1. je bewust zijn van (iets dat je aanraakt of wat in je lichaam een druk geeft) Ze voelde een knobbeltje in de borst. Hij voelde dat hij moest niezen. Voel eens aan mijn voorhoofd. Je hoeft niet bang te zijn, je voelt er niks van. Ik voel pijn in mijn rug.
2. je bewust zijn van (iets dat je emotioneel raakt) Ze voelde geen liefde, alleen maar haat. Ik voel dat je me gaat verlaten.
3. een (dergelijk) gevoel geven Je hand voelt koud. Het voelt niet goed om nu weg te gaan.

voelen

fühlen, antasten, befühlen, betasten, empfinden, tappen, tastenfeel, grope, sensesentir, tâter, palper, ressentir, être attiré par, discerner, percevoir, se sentirчувствовать, ощупатьsentire, tastareيَتَحَسَّسُ, يَشْعُرُcítit (se), osahatføleαισθάνομαι, νιώθωsentir, palpartunnustella, tunteadotaknuti, osjećati se・・・を感じる, 感じる느끼다føleczuć, poczućsentirkännaรู้สึก, สัมผัส รู้สึกhissetmekcảm giác, cảm thấy感觉, 触摸Чувствам感覺 ('vulə(n))
werkwoord wederkerend
enkelvoud onvoltooid verleden tijd voelde zich , voltooid deelwoord heeft zich gevoeld
een (bepaald) gevoel hebben Ik voel me niet lekker. Ze voelt zich eenzaam. Hoe voel je je vandaag?