jatten

(doorverwezen van heeft gejat)
Thesaurus
Vertalingen

jatten

chiper, barboter, chaparder, chauffer, faucher, piquersteal (ˈjɑtə(n))
werkwoord
enkelvoud onvoltooid verleden tijd jatte , voltooid deelwoord heeft gejat
stelen Die smeerlap heeft mijn fiets gejat.
Kernerman English Multilingual Dictionary © 2006-2013 K Dictionaries Ltd.