gratie

Vertalingen

gratie

Begnadigung, Grazie, Vergebung, VerzeihungGrace, absolution, gracefulness, pardongrâce, charme, pardongrazia (ˈxra(t)si)
zelfstandig naamwoord vrouwelijk meervoud
1. besluit dat iemand zijn straf niet (langer) hoeft te ondergaan Ter gelegenheid van het eeuwfeest verleende de president alle gevangenen gratie.
2. door iemand niet meer gewaardeerd worden Die filmster is uit de gratie geraakt bij het publiek.