crash

Vertalingen

crash

충돌Absturzкатастрофаتحطم崩潰crashcrash崩溃Crashクラッシュaccidente (krɛʃ)
zelfstandig naamwoord mannelijk meervoud -es
1. groot ongeluk van auto's of van een vliegtuig Niemand heeft de crash overleefd.
2. financieel plotselinge daling van de beurs Door de crash zijn de aandelen veel minder waard geworden.