zonder

Vertalingen

zonder

(ˈzɔndər)
voorzetsel
met <dit woord betekent dat er iets of iemand niet bij is> zonder de kinderen op vakantie gaan De prijs op de sticker is zonder btw. een T-shirt zonder mouwen
(iets) niet hebben We zitten al de hele week zonder gas.
zonder verdere bedenkingen Hier ga ik zonder meer mee akkoord.

zonder

ohnewithout, absent, indubitablysanssinsemбезبِدُونbezudenχωρίςilmanbezsenza・・・なしで...없이utenbezutanปราศจากonsuzkhông có没有, безללא (ˈzɔndər)
voegwoord
<dit woord geeft aan dat iemand iets niet doet, of dat iets niet hoeft> Ze liep weg zonder om te kijken. binnen zonder kloppen