ziekte

Vertalingen

ziekte

Krankheitdisease, illness, ailment, sicknessmaladie, infirmité, malαρρώστια, ασθένεια, νόσοςenfermedad, ajdoençamalattiaدَاءٌ, مَرَضnemocsygdomsairausbolest病気sykdomchorobaболезнь, недомоганиеsjukdomโรค, ความเจ็บป่วยhastalıkbệnh, căn bệnh, sự đau ốm疾病, 疾病המחלהболест (ˈziktə)
zelfstandig naamwoord vrouwelijk meervoud -n, -s
wat veroorzaakt dat je ziek bent infectieziekte een besmettelijke ziekte lijden aan een ernstige ziekte De winkel is wegens ziekte gesloten.
in hevige mate De ambtenaren daar zijn zo corrupt als de ziekte.