| Nederlands Woordenboek / Dutch Dictionary 1.768.698.045 Bezoekers. |
|
zet |
0,03 sec. |
|
zet zn m zet (-ten mv) [zɛt]
1 het duwen;= duw iemand een zetje geven 2 keer dat je een schaakstuk of een damsteen verplaatst aan zet zijn tegenzet een slimme zet een handige manier van doen aan zet zijn aan de beurt zijn om iets te doen De rebellen willen onderhandelen; de regering is nu aan zet. Voeg toe aan iGoogle Gratis Website inhoud – Webmaster tools |
|
| Gratis hulpprogramma's: |
Voor bezoekers:
Browser extensie |
Woord van de Dag |
Help
Voor webmasters: Gratis inhoud | Link | Lookup box | Dubbelklik om te zoeken | Wordt onze partner |
|---|