werking

Vertalingen

werking

Handlung, Tat, Wirksamkeitaction, achievement, act, activity, effectactivité, action, effet, fonctionnement, marche, travail, mécanisme, opérationacción (ˈwɛrkɪŋ)
zelfstandig naamwoord vrouwelijk meervoud -en
1. het werken (3) De werking van het apparaat is heel simpel.
2. het werken (4) een chemische stof met een langdurige werking