wennen

(doorverwezen van wende)
Vertalingen

wennen

angewöhnen, gewöhnenaccustom, accustomoneself, getusedaccoutumer, habituer, s'accoutumer, (s')habituer (à), s'adapter ('wɛnə(n))
werkwoord
enkelvoud onvoltooid verleden tijd wende , voltooid deelwoord heeft gewend
zo worden dat je het normaal vindt of er geen last meer van hebt De eenzaamheid wende niet. Het was even wennen, maar ik zou nu niet anders meer willen.