weerhouden

Vertalingen

weerhouden

zurückhaltendetain, holdback, retainréprimer, arrêter, retenir (wer'hɑudə(n))
werkwoord
enkelvoud onvoltooid verleden tijd weerhield , voltooid deelwoord heeft ~
tegenhouden, beletten om iets te doen Ik laat me door niets weerhouden. Wat weerhoudt je? Mijn zachtaardigheid weerhoudt mij ervan om hem een klap te geven.