wasgoed

Vertalingen

wasgoed

linge, lessivelaundryمَلابِسَ مَغْسُولَةٌ أَوْ مُعَدَّةٌ لِلْغَسْلِprádlovasketøjWäscheμπουγάδαcolada, lavanderíapyykkirubljebucato洗濯物세탁소klesvaskpralniaroupa para lavarпрачечнаяtvättเสื้อผ้าที่กำลังจะซักçamaşırhiệu giặt要洗的衣服 ('wɑsxut)
zelfstandig naamwoord onzijdig meervoud
kleren, handdoeken enz. die gewassen (moeten) worden of net gewassen zijn Overal in de straat hangt wasgoed te drogen.