| Nederlands Woordenboek / Dutch Dictionary 3.899.085.570 Bezoekers. |
waard |
0,03 sec. |
|
|
waard1 zn m / v waard (-en mv), waardin (-nen mv) [wart, war'dɪn] eigenaar van een herbergbuiten de waard gerekend hebben je plan zien mislukken Ik had buiten de waard gerekend; door een storing reden er geen treinen. waard2 bn waard [wart]
1 wat of hoeveel iets of iemand voor je betekent of hoe duur het is Dit boek is vijf euro waard. Plezier in het werk is me meer waard dan een hoog salaris. Het is de moeite niet waard. 2 dit gaat vooraf aan de persoon of personen tot wie je je richt in een toespraak of brief;= beste;= geachte Waarde collega's, ... voor wat je waard bent zo goed als je kunt Hij vocht voor wat hij waard was. Voeg toe aan iGoogle Gratis Website inhoud – Webmaster tools |
|
| Gratis hulpprogramma's: |
Voor bezoekers:
Browser extensie |
Woord van de Dag |
Help
Voor webmasters: Gratis inhoud | Link | Lookup box | Dubbelklik om te zoeken |
|---|