vuil

Vertalingen

vuil

(vœyl)
zelfstandig naamwoord onzijdig meervoud
stof, modder, etensresten enz. Zijn handen zitten onder het vuil. huisvuil grofvuil
iemand slecht, zonder respect behandelen

vuil

Dreck, Müll, Schutt, unlauter, Unrat, Schmutzdirty, filthy, foul, unclean, waste, clippings, cuttings, debris, nasty, parings, refuse, rubbish, rubble, soiled, windfall, grubby, litter, slovenly, trash, dirtsale, débris, ordures, crasse, saleté, abattis, corrompu, gâté, impuretés, malpropre, pollué, salissant, cochon, crasseux, noir, orduresucio, suciedadsujo, sujeira, sujidadeгрязь, грязныйfangoso, sporciziaقَذَارَةšpínasnavsβρομιάlikaprljavština汚れ더러움møkkbrudsmutsสิ่งสกปรกkirchất bẩn污物 (vœyl)
bijvoeglijk naamwoord
1. schoonproperrein niet schoon vuile handen
2. gemeen een vuile streek