| Nederlands Woordenboek / Dutch Dictionary 1.769.930.401 Bezoekers. |
|
vrucht |
0,01 sec. |
|
vrucht zn vrucht (-en mv) [vrʏxt]
1 iets dat uit de bloesems van een boom groeit, vaak sappig is en dat je soms kunt opeten rijpe vruchten vruchtensalade 2 nog niet geboren kind of jong;= embryo 3 resultaat;= product de vrucht van jarenlange arbeid vruchteloos de vruchten van iets plukken profijt hebben van iets;= profiteren van iets Hij plukt de vruchten van het werk van zijn voorganger. Voeg toe aan iGoogle Gratis Website inhoud – Webmaster tools |
|
| Gratis hulpprogramma's: |
Voor bezoekers:
Browser extensie |
Woord van de Dag |
Help
Voor webmasters: Gratis inhoud | Link | Lookup box | Dubbelklik om te zoeken | Wordt onze partner |
|---|