voortzetten

Vertalingen

voortzetten

fortfahren, fortführen, fortfahren mitcontinue, goon, proceedwithcontinuer, maintenir, reconduire, redresser, poursuivre, poussercontinuarيَسْتَمِرُّpokračovatfortsætteσυνεχίζωjatkaanastaviticontinuare続ける(...을) 계속하다fortsettekontynuowaćcontinuarпродолжатьfortsättaดำเนินต่อไปdevam etmektiếp tục继续продължиהמשך繼續 ('vortsɛtə(n))
werkwoord
enkelvoud onvoltooid verleden tijd zette voort , voltooid deelwoord heeft voortgezet
stopzettenophouden met blijven doen De minister wil het huidige beleid voortzetten. voortgezet onderwijs