voornemen

Vertalingen

voornemen

('vornemə(n))
zelfstandig naamwoord onzijdig meervoud -s
iets wat je wilt gaan doen Wat zijn jouw goede voornemens voor volgend jaar?

voornemen

Absicht, Planintention, meaning, plan, resolveintention, propos, dessein, résolution의도намерениеzáměrπρόθεσηהכוונה意向zamiarintenção意向意図hensigtنية ('vornemə(n))
werkwoord wederkerend
enkelvoud onvoltooid verleden tijd nam zich voor , voltooid deelwoord heeft zich voorgenomen
als voornemen (1) hebben Ik heb me voorgenomen dat ik me niet meer door hem laat ompraten. je voornemen om iets te doen
het voornemen (1) hebben om iets te doen