verzamelen

Vertalingen

verzamelen

sammeln, einsammeln, versammelncollect, gather, pickup, gleancollectionner, ramasser, rassembler, recueillir, grouper, (se) rassembler, concentrer, rallier, masserيَجْتَمِعُ, يَجْمَعُsebrat, shromáždit (se)samleσυγκεντρώνω, συλλέγωcongregar, congregarse, recoger, reunirkerätä, kerätä yhteensakupljati, skupitiraccogliere集める...을 (끌어) 모으다samlezebraćcolher, juntarсобиратьhämta, samlaรวมตัวกัน, สะสมtoplamak, toplanmaktập hợp, thu thập收集, 聚集收集 (vər'zamələ(n))
werkwoord
enkelvoud onvoltooid verleden tijd verzamelde , voltooid deelwoord heeft verzameld
1. bij elkaar brengen het verzameld werk van Shakespeare
<als hobby>
de kracht proberen te vinden om iets te doen waar je bang voor bent
2. bij elkaar komen We verzamelen om tien uur bij de watertoren. zich verzamelen