verval

Vertalingen

verval

Dekadenzdecay, adversity, declineabaissement, désastre, déclin, délabrement, ruine, pente [rivière], affaissement, crépuscule, décadence, déchéance, perversion (vər'vɑl)
zelfstandig naamwoord onzijdig meervoud
1. bloei verslechterende toestand in verval raken lichamelijk verval
2. niveauverschil van een rivier De sluizen overbruggen een verval van twee meter.