verband

Thesaurus

verband:

zwachteling
Vertalingen

verband

Verband, Bandage, Verhältnis, Zusammenhangbandage, relation, understandingrelation, bandage, rapport, abord, contexte, engagement, obligation, liaison, lien, connexion, dépendance, pansementapósito, vendajefasciatura, bendatura, fasciaضِمَادةobvazbandageεπίδεσμοςsidezavoj包帯붕대bandasjebandażbandagem, ligaduraбинтbandageผ้าพันแผลsargıbăng dán cứu thương绷带връзка (vərˈbɑnt)
zelfstandig naamwoord onzijdig meervoud -en
1. medisch reep stof waarmee je een wond kunt verbinden noodverband een verband aanleggen
2. manier waarop dingen met elkaar te maken hebben in verband staan met verband houden met In verband met een storing rijden er geen treinen naar Amsterdam.
iets zonder context vertellen waardoor je een verkeerde indruk geeft van de zaak
3. samenwerking tussen groepen of landen samenwerkingsverband in internationaal verband het probleem van de honger aanpakken