vat

Vertalingen

vat

Behälter, Besteck, Faß, Gefäß, Griff, Krug, Nehmen, Stich, Tonne, Vasebarrel, vase, vessel, box, container, grasp, jug, draft, kegtonneau, vaisseau, vase, bac, baquet, pot, tonne, fût, sanguin, baril, prise, contenant, cuve, récipientbarrilбочкаbarile (vɑt)
zelfstandig naamwoord onzijdig meervoud -en
1. afsluitbare ton om bijvoorbeeld bier of wijn in te bewaren houten vaten een nieuw vat aanslaan/openen
het anders doen
als je iets uitstelt, kan het nog wel gebeuren
2. bloedvat een vat afbinden tijdens een operatie
3. iemand niet kunnen beïnvloeden