vaardig

Vertalingen

vaardig

anstellig, behende, fix, geschickt, geübt, gewandtadroit, clever, dexterous, skillfuladroit, habile, habilement, adroitement, disposé (à), habile (à), pour), prêt (à (ˈvardəx)
bijvoeglijk naamwoord
snel en zonder moeite vaardige vingers