uittrekken voor


Zoekopdrachten gerelateerd aan uittrekken voor: uitrekken, uittreksel
Vertalingen

uittrekken voor

(ˈœytrɛkə(n) vor)
werkwoord
enkelvoud onvoltooid verleden tijd trok uit voor , voltooid deelwoord heeft uitgetrokken voor
(tijd of geld) beschikbaar maken voor Voor de dagelijkse boodschappen heb ik ongeveer 150 euro per week uitgetrokken.