| Nederlands Woordenboek / Dutch Dictionary 1.758.874.246 Bezoekers. |
|
uitnodigen |
0,02 sec. |
|
uitnodigen ww uitnodigen (nodigde uit enk ovt; heeft uitgenodigd volt deelw) [ˈœytnodəxə(n)] vragen of iemand iets wil doen of je gast wil zijn
Ik heb voor de bruiloft al mijn vrienden uitgenodigd. iemand uitnodigen een toespraak te houden Het mooie weer nodigde uit tot een dagje aan het strand. het mooie weer moedigde aan om een dagje naar het strand te gaan Vertalingen uitnodigen einladen uitnodigen invite uitnodigen inviter, à faire qc), inviter (à qc, engager uitnodigen invitare uitnodigen يَدْعو uitnodigen pozvat uitnodigen invitere uitnodigen προσκαλώ uitnodigen invitar uitnodigen kutsua uitnodigen pozvati uitnodigen 誘う uitnodigen 초대하다 uitnodigen invitere uitnodigen zaprosić uitnodigen convidar uitnodigen приглашать uitnodigen bjuda in uitnodigen เชิญ uitnodigen davet etmek uitnodigen mời uitnodigen 邀请 Voeg toe aan iGoogle Gratis Website inhoud – Webmaster tools |
|
| Gratis hulpprogramma's: |
Voor bezoekers:
Browser extensie |
Woord van de Dag |
Help
Voor webmasters: Gratis inhoud | Link | Lookup box | Dubbelklik om te zoeken | Wordt onze partner |
|---|