u

Vertalingen

u

dich, dir, euch, Ihnen, ihr, Sieyou, thee, thou, toyou, yevous, à vous, toiustedвы (y)
voornaamwoord
beleefde aanspreekvorm voor de tweede persoon enkelvoud en meervoud Gaat u zitten! Oudere mensen spreek je meestal met 'u' aan.
iets dat respect afdwingt