tuit

Vertalingen

tuit

Schnabelbeak, bill, poutbec, bec verseur, corne, tuyaubecco, biglietto di banca, càlcolo (tœyt)
zelfstandig naamwoord meervoud -en
pijpje dat uit een kan of ketel steekt waardoor je er vloeistoffen uit kunt gieten de tuit van een theepot
heel erg huilen