traan

Thesaurus

traan:

walvistraan
Vertalingen

traan

Tränetearlarme, pleur, pleur(s)lágrimalágrimaدَمْعَةslzatåreδάκρυkyynelsuzalacrima눈물tårełzaслезаtårน้ำตาgözyaşınước mắt眼泪 (tran)
zelfstandig naamwoord meervoud tranen
druppel vocht uit je ogen als je huilt of als je ogen geïrriteerd zijn vreugdetranen tranen stroomden/rolden/biggelden over zijn wangen je tranen bedwingen
huilen
plotseling gaan huilen
erg huilen