totaal

Vertalingen

totaal

(toˈtal)
zelfstandig naamwoord onzijdig meervoud
1. alle bedragen bij elkaar Het totaal bedraagt honderdvijfentwintig euro. In totaal ben je me dertig euro schuldig.
2. alles het totaal aan mogelijkheden

totaal

(toˈtal)
bijvoeglijk naamwoord
geheel een totale omwenteling

totaal

Summe, völlig, Betrag, ganz, Ganze, gänzlich, gar, Gesamtheit, volltotal, full, overall, sum, amount, atall, complete, completely, entirely, quite, through, whole, wholly, all, totallytotal, totalement, entier, somme, complet, complètement, entièrement, tout, montant, global, absolu, totalité, inconditionnel, chiffretotalmente, totalcamice, totale, totalmenteإِجْمَاليّ, بِكَامِلِهِcelkový, naprosto, součetsamlet antal, total, totaltεντελώς, συνολικός, σύνολοkokonais-, kokonaismäärä, täysinpotpuno, ukupan, ukupno合計, 完全な, 完全に전부, 전체의, 합계fullstendig, sum, totalcałkowicie, całkowity, sumatotal, totalmenteитог, полностью, полныйsumma, total, totaltโดยสมบูรณ์, โดยสิ้นเชิง, ผลรวมtam, tamamen, toplamhoàn toàn, tổng, tổng số完全地, 总数, 总的общо (toˈtal)
bijwoord
helemaal Ik maak me totaal geen zorgen.