| Nederlands Woordenboek / Dutch Dictionary 1.758.847.373 Bezoekers. |
|
toch |
0,02 sec. |
|
toch bw toch [tɔx]
1 ondanks dat;= desondanks;= desalniettemin Ik heb vannacht goed geslapen, en toch ben ik moe. 2 woord dat geen eigen betekenis heeft maar vaak wordt gebruikt om ergens nadruk op te leggen Wat doe je toch raar! Het is prachtig weer, ga toch fietsen! Je weet toch dat ik geen vlees eet. En toch doe ik het. opmerking die je maakt om aan te geven dat je iets gaat doen ook al is het je door anderen afgeraden of verboden Thesaurus toch: weliswaar Vertalingen toch but, certainly, however, indeed, nevertheless, rather, surely, yet, anyway, still, so, then, therefore toch cependant, certes, d'abord, néanmoins, pourtant, si, tout de même, au fond, de toute façon, donc, effectivement, en effet, en fin de compte, non?, toujours toch in ogni modo, pure, qualunque sia Voeg toe aan iGoogle Gratis Website inhoud – Webmaster tools |
|
| Gratis hulpprogramma's: |
Voor bezoekers:
Browser extensie |
Woord van de Dag |
Help
Voor webmasters: Gratis inhoud | Link | Lookup box | Dubbelklik om te zoeken | Wordt onze partner |
|---|