spat


Zoekopdrachten gerelateerd aan spat: spar
Vertalingen

spat

(spɑt)
zelfstandig naamwoord meervoud -ten
klein beetje (van een vloeistof) dat op of van iets komt, of de vlek die doordoor ontstaat Er valt geen spat regen. Je hebt allemaal spatten op je jas. vetspat
helemaal niets geen spat veranderd zijn