soep

Vertalingen

soep

Suppesoupsoupe, potageσούπαminestraحَسَاءpolévkasuppesopakeittojuhaスープ수프suppezupasopaсупsoppaซุปçorbasúpсупаמרק (sup)
zelfstandig naamwoord meervoud -en
1. vloeibaar voedsel van vlees, groente of vis die gekookt is in water met allerlei ingrediënten soep trekken van rundvlees tomatensoep met balletjes vissoep kippensoep
2. dat is riskant
3. dat stelt weinig voor
4. zo ergens tegenaan botsen dat de auto niet meer gerepareerd kan worden