sneltrein

Vertalingen

sneltrein

Eilzug, Expreßexpress, fasttrainexpress, rapide (ˈsnɛltrɛin)
zelfstandig naamwoord mannelijk meervoud -en
trein die op een traject alleen bij grote stations stopt De sneltrein van Leiden naar Den Haag stopt niet in Voorschoten.