snelheid

Thesaurus

snelheid:

tempovlugheid,
Vertalingen

snelheid

Geschwindigkeit, Eile, Hast, Tempo, Ratespeed, velocity, ratevitesse, rapidité, allure, hâte, promptitude, vélocité, tauxvelocidad, ritmovelocità, andatura, numero dei giri, volare, tassoسُرْعَة, مُعَدِّلrychlosthastighedρυθμός, ταχύτηταnopeus, tahtibrzina, stopa割合, 速さ비율, 속도hastighet, taktszybkość, tempovelocidadeскорость, нормаhastighetความเร็ว, อัตราhız, oransự nhanh nhẹn, tốc độ速度, 比率速度скоростמהירות (ˈsnɛlheit)
zelfstandig naamwoord vrouwelijk meervoud -heden
mate waarin je vooruitkomt in een bepaalde tijd; hoe snel je vooruitgaat De auto reed met een snelheid van 120 kilometer per uur. Bij de snelheidscontrole door de politie zijn snelheden gemeten van boven de 200 kilometer.