smart

Vertalingen

smart

Ärger, Betrübnis, Gram, Harm, Verdruß, Weh, smartsorrow, annoyance, disappointment, grief, sadnessdésolation, peine, chagrin, souffrancepenaSmart (smɑrt)
zelfstandig naamwoord meervoud -en
1. groot verdriet Tijden van grote vreugde en diepe smart wisselden elkaar af.
2. met groot ongeduld en verlangen met smart op iemand wachten