slinken

(doorverwezen van slonk)
Vertalingen

slinken

abate, decrease, diminish, drop, fall, shrink, shrivelups'abaisser, s'amoindrir, se racornir, se ratatiner, diminuer, dégonfler, fondre, se dégonfler (ˈslɪŋkə(n))
werkwoord
enkelvoud onvoltooid verleden tijd slonk , voltooid deelwoord is geslonken
kleiner of minder worden Als je een kunstgebit draagt, slinken je kaken. je voorsprong zien slinken De voorraden slinken snel.