sijpelen

(doorverwezen van sijpelde)
Vertalingen

sijpelen

cheminer, ruisseler, suinterfilter (ˈsɛipələ(n))
werkwoord
enkelvoud onvoltooid verleden tijd sijpelde , voltooid deelwoord is gesijpeld
(van vloeistoffen) in druppels of straaltjes vallen De regen sijpelde de tent binnen.