signaal

Vertalingen

signaal

Signalsignal, mark, sign, tokensignal, signe, avertissementإشَارَةsignálsignalσινιάλοseñalsignaalisignalsegnale合図신호signalsygnałsinalсигналsignalสัญญาณişarettín hiệu信号сигнал信號אות (sɪˈɲal)
zelfstandig naamwoord onzijdig meervoud -nalen
1. iets waarmee je waarschuwt of iets duidelijk maakt fluitsignaal lichtsignalen Die partij vindt het openhouden van kerncentrales een fout signaal.
2. natuurkunde wat door een meetinstrument geregistreerd kan worden akoestisch signaal signalen uitzenden tv-signaal