terugschrikken voor

(doorverwezen van schrok terug voor)
Vertalingen

terugschrikken voor

befürchten, fürchten, sich ängsten, sich ängstigen, zagenbeafraidof, fearcraindre, redouter, avoir peur (təˈrʏxsxrɪkə(n) vor)
werkwoord
enkelvoud onvoltooid verleden tijd schrok terug voor , voltooid deelwoord is teruggeschrokken voor
bang zijn voor terugschrikken voor de gevolgen