| Nederlands Woordenboek / Dutch Dictionary 1.769.864.491 Bezoekers. |
|
schoppen |
0,03 sec. |
|
schoppen1 zn schoppen ( mv) [ˈsxɔpə(n)] vorm waarmee een van de vier 'kleuren' in het kaartspel wordt onderscheiden; harten; ruiten; klaver schoppen aas schoppen2 ww schoppen (schopte enk ovt; heeft geschopt volt deelw) [ˈsxɔpə(n)] (iemand of iets) opzettelijk hard met je voet rakentegen iets aan schoppen
tegen iets protesterenhet ver geschopt hebben een hoge maatschappelijke positie bereikt hebben;= carrière gemaakt hebben Thesaurus schoppen: spades, schoppenmotief Vertalingen schoppen piqûre, dans), donner un coup de pied (à, pique, donner un coup de pied schoppen calcio, pedata, sgambettare, dare un calcio schoppen يَركُل schoppen kopnout schoppen sparke schoppen κλοτσώ schoppen dar patadas schoppen potkaista schoppen šutnuti schoppen 蹴る schoppen (..을) 차다 schoppen sparke schoppen kopnąć schoppen chutar, dar um pontapé schoppen пинать schoppen sparka schoppen เตะ schoppen tekmelemek schoppen đá schoppen 踢 Voeg toe aan iGoogle Gratis Website inhoud – Webmaster tools |
|
| Gratis hulpprogramma's: |
Voor bezoekers:
Browser extensie |
Woord van de Dag |
Help
Voor webmasters: Gratis inhoud | Link | Lookup box | Dubbelklik om te zoeken | Wordt onze partner |
|---|