| Nederlands Woordenboek / Dutch Dictionary 1.783.345.231 Bezoekers. |
|
samengaan |
0,03 sec. |
|
samengaan ww samengaan (ging samen enk ovt; is samengegaan volt deelw) [ˈsamə(n)xan]
1 bij elkaar passen;= matchen Eenvoud en comfort gaan in dit hotel goed samen. 2 (van bedrijven) één geheel worden;= fuseren Vertalingen samengaan être d'accord, s'accorder, s'harmoniser, aller de pair (avec), s'accorder (avec), aller, s'unir Voeg toe aan iGoogle Gratis Website inhoud – Webmaster tools |
|
| Gratis hulpprogramma's: |
Voor bezoekers:
Browser extensie |
Woord van de Dag |
Help
Voor webmasters: Gratis inhoud | Link | Lookup box | Dubbelklik om te zoeken | Wordt onze partner |
|---|