rits

Vertalingen

rits

zipper, zipaccroc, fermeture à glissière, fermeture‐éclair, zip, fermeture éclair, fermeture éclairchiusura lampo, cerniera lampoزِمَامٌ مُنْزَلِقziplynlåsReißverschlussφερμουάρcremalleravetoketjupatentni zatvaračファスナー지퍼glidelåszamekfecho de correr, zíperзастежка-молнияblixtlåsซิปfermuarphéc-mơ-tuya拉链 (rɪts)
zelfstandig naamwoord vrouwelijk meervoud -en
1. sluiting in een kledingstuk, een tent, een tas De rits van mijn slaapzak zit vast.
2. reeks Voor een reis naar de tropen krijg je een hele rits inentingen.