rijp

Thesaurus

rijp:

voldragen
Vertalingen

rijp

reifripe, mature, frostmûr, givre, fait, gelée blanche, fait [fromage], adulte, mûr/mûrematuroنَاضِجzralýmodenώριμοςmadurokypsäzreo熟した여문modendojrzałymaduroсозревшийmogenสุกolgunchín成熟的, 成熟成熟 (rɛip)
bijvoeglijk naamwoord
1. (van fruit) volgroeid en geschikt om te eten
van alles en nog wat, niet geordend op kwaliteit
2. als iets of iemand een bepaalde ontwikkeling heeft doorgemaakt Hij valt op rijpe vrouwen die veel ouder zijn dan hij.
het is nu het geschikte moment voor...
geschikt om te... Deze auto is rijp voor de sloop.