| Nederlands Woordenboek / Dutch Dictionary 1.805.357.672 Bezoekers. |
|
rekenen |
0,03 sec. |
|
rekenen ww rekenen (rekende enk ovt; heeft gerekend volt deelw) [ˈrekənə(n)]
1 volgens wiskundige regels met cijfers en getallen werken hoofdrekenen Toen ze vier was kon ze al een beetje rekenen. 2 als prijs vragen voor iets dat je verkoopt of levert Ik reken 55 euro per uur. Reken maar van yes! stellige bevestiging Vertalingen rekenen berechnen, erachten, erfordern, erheischen, fordern, kalkulieren, rechnen, verlangen, zumuten, Arithmetik, meinen rekenen calculer, compter, demander, exiger, au nombre de), compter (parmi, compter (sur), considérer, demander (pour), estimer, tenir compte (de), penser rekenen считать rekenen يُصَفِي حساباً rekenen myslet (si) rekenen regne med rekenen λογαριάζω rekenen olla jotain mieltä rekenen misliti rekenen 判断する rekenen 간주하다 rekenen synes rekenen przypuścić rekenen pensar rekenen räkna ut rekenen คิดว่า พิจารณาว่า ถือว่า rekenen düşünmek rekenen nghĩ là rekenen 猜想 Voeg toe aan iGoogle Gratis Website inhoud – Webmaster tools |
|
| Gratis hulpprogramma's: |
Voor bezoekers:
Browser extensie |
Woord van de Dag |
Help
Voor webmasters: Gratis inhoud | Link | Lookup box | Dubbelklik om te zoeken | Wordt onze partner |
|---|