regel

Thesaurus

regel:

schriftlijnvoorschrift, wet, wetmatigheid,
Vertalingen

regel

Regel, Linie, Norm, Richtschnur, Strich, Zeile, Linealrule, line, norm, standard, regulation, measure, preceptrègle, ligne, mot, exigence, observanceحُكْمpravidloregelκανόναςregla, líneasääntöpraviloregole規則규칙regelregułaregra, linhaправилоregelหลักเกณฑ์kuralquy tắc规则קו (ˈrexəl)
zelfstandig naamwoord mannelijk meervoud -s
1. lijn waarop de tekst is geschreven of gedrukt Er staan ongeveer vijftig regels op een pagina.
zonder dat het er letterlijk staat of wordt gezegd Tussen de regels door hoorde je in zijn afscheidsrede veel kritiek op de universiteit.
2. gebruik dat ontstaan is uit een afspraak of een gewoonte Bidden voor de maaltijd is hier een vaste regel.
gewoonlijk
3. voorschrift over wat wel of niet mag spelregels Wat zij daar doen is tegen de regels. je houden aan de regels