| Nederlands Woordenboek / Dutch Dictionary 1.768.988.559 Bezoekers. |
|
recht |
0,01 sec. |
|
recht1 zn onz recht (-en mv) [rɛxt] 1 wat je mag en wat je toekomt recht hebben op huursubsidie mensenrechten 2 g.mv. mv wat volgens het gevoel van de meeste mensen eerlijk is;= rechtvaardigheid; onrecht 3 alle wetten en regels van de staat grondwet rechten studeren meester in de rechten het burgerlijk recht het is je goed recht om... het is redelijk als je... recht van spreken hebben sterk bij het onderwerp betrokken zijn of er veel van weten met recht terecht iets komt goed tot zijn recht het wordt goed duidelijk wat er goed of mooi aan is Het enorme beeld komt op het grote plein goed tot zijn recht. recht2 bn recht [rɛxt]
steeds in dezelfde richting; krom; scheef een rechte weg recht tegenover het postkantoor van het rechte pad afdwalen in de criminaliteit terechtkomen Thesaurus Vertalingen recht Abgabe, aufrecht, Befugnis, direkt, gerad, gradlinig, recht, rechtwinklig, richtig, Steuer, Steuerabgabe, unmittelbar, zutreffend, Anrecht, gerade, Recht recht correct, direct, exact, jurisprudence, law, proper, right, right‐angle, square, straight, tax, justice, legal recht direct, droit, exact, impôt, juste, rectangle, taxe, bien, bon/bonne, droitement, justice, pouvoir, faculté, droite recht právo, rovný recht lige, ret recht oikeus, suora recht desnica, ravan recht まっすぐな, 権利 recht 권리, 똑바른 recht rak, rättighet recht ที่ตรงไป, สิทธิ recht quyền, thẳng Voeg toe aan iGoogle Gratis Website inhoud – Webmaster tools |
|
| Gratis hulpprogramma's: |
Voor bezoekers:
Browser extensie |
Woord van de Dag |
Help
Voor webmasters: Gratis inhoud | Link | Lookup box | Dubbelklik om te zoeken | Wordt onze partner |
|---|